Boekentip voor de vakantie

Opnieuw heeft de Vlaamse schrijfster, Margot Vanderstraeten, een boek geschreven over het Jodendom. Na Mazzel tov, waarin ze haar contacten met een modern orthodox-Joodse familie beschrijft, is er nu Minjan (quorum van tien volwassen mannen dat vereist is om in een groep te kunnen bidden).

In dit boek ontmoeten we verschillende personen uit de Joodse gemeenschap van Antwerpen. Een gemeenschap die beslist niet homogeen van geloof is. Af en toe bekroop me bij het lezen het gevoel dat ik over de verschillen binnen de reformatorische kerken in Nederland las. Er is de chef-kok Mosje van het beroemde Hoffy’s in Antwerpen, die iedereen, die daarom vraagt, graag uitleg geeft over Joods-culinaire tradities en het chassidische leven. Op de vraag van Vanderstraeten of het niet moeilijk is om naar 613 geboden te leven, antwoordt hij: ‘Waarom moet het makkelijk zijn?’ Zijn geloof mag hem blijkbaar iets kosten. Zo wordt hij door de auteur gevraagd om mee te gaan naar een tentoonstelling over de Holocaust waarbij ook koningin Mathilde aanwezig zal zijn. Als echter blijkt dat deze tentoonstelling op sjabbat plaatsvindt, haakt hij af.

De fotograaf Dan, die zowel voor Mazzel tov als voor Minjan de coverfoto’s maakte, is de enige die de chassidische gemeenschap van binnenuit mag fotograferen. En dan is daar, naast andere personen, nog de eigenzinnige Esther (schuilnaam) die de noodzaak van taboes verdedigt en met Margot redetwist over de ultraorthodoxe opvoeding en scholing. Esther voert een discussie met Margot over het ontstaan van de wereld en oeroude dinosaurusbotten die gevonden zijn.   

‘God heeft de wereld geschapen’, antwoordde zij.
‘Hoelang bestaat deze wereld volgens u?’
'Een paar millennia.’
‘Niet langer?’
(….)
‘Wie zegt dat de botten niet bewijzen dat Hasjeem ze daar heeft begraven op de dag dat hij de wereld schiep?’
We zwegen. Ik kon niet geloven dat ze geloofde wat ze suggereerde.

De seculiere auteur verbaast zich regelmatig over dingen die ze niet begrijpt. Het is echter absoluut niet zo dat Vanderstraeten geen begrip heeft voor de typische gewoonten en geloofsovertuiging van de chassieden. In de tweede helft beschrijft ze de situatie in de jaren van corona. Ik lees over herkenbare dilemma’s uit de coronaperiode: wel of geen kerk (sjoel)gangers, zingen of bezoekjes afleggen. Boosheid over overheidsmaatregelen, elkaar bekritiseren op de keuzes die gemaakt worden. Margot Vanderstraeten heeft met dit boek opnieuw laten zien dat het belangrijk is dat we verbinding zoeken met buren die nabij een zo ander leven leiden. Ik voel iets van gemis nu ik deze non-fictieroman uit heb. Van harte aanbevolen!

A.J. Vogel-de Pagter