Stewards op school

Na de herfstvakantie zijn we als school gestart met het inzetten van stewards. Zij lopen in koppels van twee leerlingen door de aula en de gangen die grenzen aan de aula. Zij spreken medeleerlingen aan op gedrag, waarbij het uitgangspunt is met elkaar te werken aan een schone en frisse school. Afval hoort niet op de grond, maar in de prullenbak. Simpel toch! Eigenlijk een principe waar iedereen het over eens is.

We zijn als school in zee gegaan met de organisatie ‘Op ijgen weize’ die het programma ‘Steward op school’ heeft ontwikkeld, dat op veel scholen wordt ingezet. Alle leerlingen van klas 1 tot en met 4 hebben een theorieles gekregen van een medewerker van ‘Op ijgen weize’. Daarnaast hebben de leerlingen van klas 3 en 4 ook nog een praktijkles gekregen. Zij worden namelijk ingezet als steward. Tijdens de praktijklessen hebben we ook gebruik gemaakt van rollenspellen om verschillende situaties te oefenen en de aankomende stewards tot in de puntjes voor te bereiden op hun taak.

Praktisch gezien werkt de inzet van stewards als volgt: als we zien dat een bepaalde leerling rommel op de grond gooit, dan is het duidelijk wie er moet worden aangesproken. De stewards vragen deze leerling netjes het op te ruimen. De stewards gaan niet in discussie met de leerling. Tot drie keer toe wordt de leerling netjes gevraagd de rommel op te ruimen en uiteindelijk wordt hij/zij voor de keuze gesteld om het op te ruimen of te kiezen voor een registratie. Als de leerling voor het laatste kiest (let wel: de leerling heeft dus een keuze!), dan wordt zijn/haar naam genoteerd. De verzuimmedewerker handelt dit verder af, wat inhoudt dat deze leerling een corveestraf krijgt.

Het kan ook zijn, dat het niet duidelijk is wie bepaalde rommel op de grond heeft gegooid. Dan wordt aan een leerling in de buurt gevraagd om het op te ruimen. Misschien voelt dat niet goed en dat is in zeker opzicht ook begrijpelijk. Toch wordt hierdoor een mechanisme in werking gezet, dat preventief werkt. Niemand vindt het leuk om andermans rommel op te ruimen en daardoor ontstaat er een aanspreekcultuur: ‘Joh, ruim je eigen rommel even op. Straks moet ik het doen. Jij vindt het toch ook niet leuk om mijn rommel op te ruimen’.

Intussen zijn we enkele weken verder en kunnen we een voorlopige balans opmaken. We zien al heel duidelijk resultaten. De aula is schoner dan voor de herfstvakantie. Sommige stewards vinden het nog best moeilijk om andere leerlingen aan te spreken, maar over het algemeen gaat dat heel goed. Sommige stewards verbazen zich over het feit dat medeleerlingen bereid zijn om naar hen te luisteren. Mooi toch! Om de leerlingen te steunen in hun rol als steward is het wel van belang dat er docenten in de aula aanwezig zijn op wie ze kunnen terugvallen. Ook in dat opzicht geldt dat de school van ons allemaal is. Met elkaar zetten we onze schouders eronder om dit initiatief tot een groot succes te maken.