Home   Marnix   Begeleiding

Begeleiding

Voor alle leerlingen

 

Mentor, docententeam, adjunct-directeur en teamcoördinator
De spil in de begeleiding is de mentor die elke klas jaarlijks krijgt toegewezen. Dit is een docent die naast de gewone onderwijstaken speciale taken heeft voor zijn mentorklas. Hij is op de hoogte van de individuele omstandigheden van elke leerling, verzorgt de administratie van cijfers en rapporten, is het aanspreekpunt voor ouders en leerlingen over schoolresultaten en/of in geval van problemen, adviseert over te volgen leerwegen, is verantwoordelijk voor een goed verloop van een klassenmiddag of -avond en stimuleert de groep om goed te presteren.

Verder heeft elke klas in de onderbouw een aantal mentorlessen. Tijdens dat uur wordt onder leiding van de mentor een aantal vaardigheden geoefend: met elkaar leren omgaan, naar elkaar leren luisteren, leren discussiëren, leren studeren e.d. Ook vinden tijdens dit uur met elke leerling van tijd tot tijd individuele gesprekken plaats over studieresultaten en het functioneren op school en in de klas.

Om de informatievoorziening tussen de mentor en de andere docenten snel en makkelijk te laten verlopen, werkt het Wartburg College met docententeams. De adjunct-directeur geeft leiding aan een docententeam. Hij is verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van een team. Door coaching van de mentoren en regelmatig overleg binnen zijn team zet hij ten behoeve van een adequate begeleiding zijn meer gespecialiseerde kennis in.

Naast de adjunct-directeur kennen we ook de teamcoördinator. Wanneer de begeleiding van een leerling meer tijd of deskundigheid vereist dan de mentor zou kunnen bieden, wordt de begeleiding door hem overgenomen en/of besproken binnen het docenten- en zorgadviesteam. Hij gaat ook over de afhandeling van allerlei leerlingzaken, zoals verlofaanvragen en absentenregistratie.

Peer support
Om de overstap naar het voortgezet onderwijs nog beter te laten verlopen, is enkele jaren geleden een project gestart onder de naam ‘peer support’.
Een aantal leerlingen van onze school (nu in klas 3) is opgeleid tot ‘peer leader’. Een peer leader functioneert als een vraagbaak voor een groep van ongeveer acht brugklasleerlingenl. Hij of zij beantwoordt vragen over schoolzaken en huiswerk. De peer leaders helpen zo brugklasleerlingen zich snel thuis te voelen in onze school. Leerlingen die in de brugklas moeite blijken te hebben met een bepaald vak, kunnen daarin bijles krijgen van een ‘tutor’. Dat is een leerling uit de derde klas, die daarvoor een speciale training heeft gevolgd.
Coördinatoren van dit project zijn mw. H.P.A. Seluma-Collée en de heer T. Kik.

Studiebegeleiding
Huiswerk hoort bij het voortgezet onderwijs. Het maken en leren van huiswerk is voor sommige leerlingen een moeizame bezigheid, die dagelijks terugkeert. Het succesvol kunnen afronden van een opleiding is mede afhankelijk van de manier waarop met het huiswerk wordt omgegaan.
Het eerste halfjaar hebben alle brugklasleerlingen van het vmbo o.l.v. hun mentor elke week een uur huiswerkbegeleiding. Om ze te laten wennen aan de hoeveelheid huiswerk, zal er tijdens de eerste schoolweken aandacht gegeven worden aan een geleidelijke opbouw ervan. Ook zal er aandacht besteed worden aan de juiste manier van leren bij de diverse vakken.
In de mentorlessen wordt aandacht besteed aan zowel algemene studievaardigheden als aan vakgerichte studievaardigheden. Aan het begin van het schooljaar wordt in iedere (brug)klas een aantal huiswerkafspraken besproken.

Keuzebegeleiding
Voor de havo- en vwo-leerlingen speelt keuzebegeleiding vooral in het derde leerjaar. De decaan begeleidt met de mentoren het keuzeproces, zodat  de leerlingen doorstromen naar het juiste profiel in de Tweede Fase. De school werkt volgens een lijn waarbinnen leerlingen steeds meer zelfstandigheid en verantwoordelijkheid kunnen dragen.

Het zwaartepunt van de keuzebegeleiding ligt voor leerlingen in het vmbo-traject in het tweede jaar en is gericht op de keuze van een bij de leerling passende afdeling voor klas 3 en 4. Op het Wartburg College hebben we binnen het vmbo vier mogelijke sectoren: techniek, zorg en welzijn, economie en landbouw.
In het kader van praktische sectororiëntatie vinden voor de tweede klassen vmbo enkele excursies plaats naar de locatie De Swaef om daar meer praktisch met de verschillende afdelingen kennis te maken. De mentor probeert door middel van de mentorlessen en de individuele gesprekken een goed beeld te krijgen van alle factoren die voor een goede keus van belang zijn. Hij of zij ontvangt hierin ondersteuning van de decaan, de gespecialiseerde keuzebegeleider. In november wordt door de decaan een voorlichtingsavond voor de ouder(s)/verzorger(s) gehouden, terwijl er in december in overleg met de ouders/verzorgers door de leerling een keuze voor een afdeling gemaakt wordt. In of rond januari vinden de individuele gesprekjes van de mentor met de leerling plaats. Als een leerling niet tot een keuze kan komen is er de mogelijkheid van het afnemen van een test door de decanen of wordt zo nodig een beroep gedaan op AOB Zuid-Nederland.
In de loop van het cursusjaar moet in klas 3-vmbo-gt ook een keuze gemaakt worden. Dit betreft de definitieve keuze van de examenvakken. In klas 3-vmbo-gt zal ook een stageweek plaatsvinden.
In klas 4-vmbo-gt wordt de definitieve school- of beroepskeuze gemaakt. Door middel van voorlichting en persoonlijke begeleiding door de decaan, door het bezoeken van voorlichtingsbijeenkomsten, door bedrijfsbezoek en eventueel via een testonderzoek wordt getracht tot een juiste, verantwoorde keuze te komen.

Specifieke zorg
Hoewel wij de begeleiding van leerlingen als een belangrijke taak van onze school beschouwen, zijn er toch ook weer grenzen aan verbonden. Soms is specialistische hulp nodig. Als ouders of verzorgers samen met de mentor tot de conclusie komen dat een leerling meer zorg nodig heeft dan de docenten kunnen bieden, dan kan het zorgadviesteam worden ingeschakeld. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij leerlingen met ernstige leer- of gedragsproblemen, dyslexie, faalangst, een gebrek aan sociale vaardigheden of hoogbegaafdheid. Elke locatie beschikt over zo’n team, waarin onder andere een orthopedagoog en een schoolmaatschappelijk werker zitting hebben. Aanmelding bij het zorgteam verloopt via de mentor die samen met de adjunct-directeur van de afdeling een leerling kan inbrengen in het zorgteam.

Dyslexie
Sommige leerlingen komen bij ons binnen met een dyslexieverklaring. Deze leerlingen worden begeleid door de dyslexiebegeleiders. Ook in de lessituatie, in bepaalde gevallen bij toetsmomenten en bij de examens wordt met deze leerlingen rekening gehouden. Leerlingen die op het gebied van spelling en/of grote problemen lijken te hebben, worden nader onderzocht op mogelijke dyslexie.
Dyslexiebegeleiders zijn mw. H.P.A. Seluma-Colléé, mw. N.M. Berger en mw. G. Lobbezoo-van Putten.

Faalangst en examenvrees
Leerlingen die last hebben van faalangst, kunnen ondersteuning krijgen van gespecialiseerde docenten. Het kan gaan om faalangst op cognitief, sociaal en/of motorisch gebied. De begeleiding is gericht op leerlingen van klas 1 en bestaat in principe uit een faalangstreductietraining. Tijdens deze training leren leerlingen beter om te gaan met hun faalangst. De training start gewoonlijk na de kerstvakantie. Kort voordat de training begint, worden de ouders van de deelnemende leerlingen geïnformeerd over faalangst en faalangstbegeleiding tijdens een speciaal daarvoor belegde ouderavond.
Examenkandidaten kunnen eventueel deelnemen aan een training om examenvrees te verminderen. Deze training wordt gegeven tussen het tweede en derde schoolexamen. Faalangst-/examenvreesbegeleiders op onze locatie zijn mw. M.A. de Deugd en de heer F. Ruiter.

Sociale vaardigheidstraining
De sociale vaardigheidstraining is bedoeld voor leerlingen met een te kort aan sociale vaardigheden.
Het kan gaan om leerlingen met teruggetrokken gedrag, leerlingen die het moeilijk vinden om contact met leeftijdgenoten te maken of leerlingen die de neiging hebben tot agressief reageren in sociale situaties. Een sociale vaardigheidstraining heeft als doel de leerlingen sociale vaardigheden aan te leren en in een veilige omgeving met deze vaardigheden te oefenen. De training zal in de onderbouw plaatsvinden. Na selectie van de leerlingen (ongeveer acht) die mee mogen doen met de training zal er eerst een ouderavond zijn. Daarna start de training die een keer in de week in de ochtend zal plaatsvinden. De trainingen worden gegeven door de heer F. Ruiter en mw. A. Ruiter-Bezemer.

Bestrijding pestgedrag
Met name in de onderbouw wordt gewerkt aan de opzet van een anti-pestbeleid. In het kader van een preventieve aanpak wordt tijdens mentorlessen gewerkt aan een gedragscode

Zorgcoördinator Passend Onderwijs
De zorgcoördinator Passend Onderwijs is aangesteld voor leerlingen die specifieke zorg behoeven en/of in aanmerking komen voor LWOO. Zij fungeert als eerste aanspreekpunt en begeleidt de leerlingen zolang zij bij ons op de locatie verblijven. Op onze locatie is dat mw. W. Knibbe-Bassa.

Vertrouwenspersonen
Op elke locatie van het Wartburg College zijn vertrouwenspersonen. Bij hen kunnen de leerlingen terecht met schoolproblemen die ze niet met iemand anders kunnen, willen of durven bespreken. De vertrouwenspersoon zal samen met de leerling proberen een oplossing te vinden voor het probleem. Natuurlijk gaat hij/zij heel vertrouwelijk met de informatie om. De vertrouwenspersonen van locatie Marnix zijn de heer J.C. Kraaijeveld en en mw. L. van der Vlies-van der Mast.